De dood door 1000 prikjes

De rechtse coalitie is alweer een half jaar aan het werk. Sinds VVD en CDA bleken te willen samenwerken met Wilders, klinken in de samenleving twee voor Nederland nieuwe geluiden. Tot de verkiezingen waren de plannen van de PVV hooguit “onverstandig” of “onhaalbaar”, maar in de zomer van 2010 vielen oudgedienden van de  regeringspartijen over elkaar heen met waarschuwingen over samenwerking met de toch wel heel radicale Wilders. In het andere kamp wordt regelmatigs geschermd met vergelijkingen tussen nu en de Duitse jaren ’20 en ’30 (de “bruine” coalitie).

Deze laatste vergelijking slaat de plank mis. Die chaotische periode is slecht te vergelijken met het rijke en vredige Nederland van 2010. En Wilders is geen militaristische revolutionair. Maar ook de zorgen van de oudgedienden over de “rechtsstaat” zijn onterecht; Wilders wil zich best aan de wet houden. Wel wil hij heel veel wetten veranderen, tot en met de Grondwet toe. Daarmee is hij misschien wel rechtsstatelijker dan CDA en VVD, die bewust tegen de geest en letter van de Grondwet en mensenrechtenverdragen ingaan met hoofdoekjes- en boerkaverboden en het intrekken van de Nederlandse nationaliteit bij zware misdaden.

Het feit dat Wilders samenwerkt met traditionele pilaren van de democratie geeft reden tot geruststelling. Maar is er misschien een toch kans dat we in een proces terechtkomen waarin alle stapjes redelijk lijken, maar we op een dag wakker schrikken en ons eigen land niet meer als democratie herkennen?

Bij democratie denken de meeste mensen aan vrije verkiezingen en een machtig parlement. Er is geen reden te geloven dat Wilders daaraan wil tornen. Een democratie is echter veel meer: een vrije en pluriforme pers, onafhankelijke rechters, en in de samenleving gewortelde partijen zijn ook nodig om tot deze exclusieve club te behoren. Wilders vindt deze principes vaak lastig. Zijn weigering om bepaalde (linkse) media te woord te staan, kritiek op rechterlijke beslissingen en het feit dat de PVV geen partij met leden is spreken wat dit betreft boekdelen. Maar Wilders heeft VVD en CDA nodig om te regeren, en dat maakt het heel onwaarschijnlijk dat de media, justitie en het partijenstelsel in verval zullen raken.

Tot nu toe lijkt de democratische puzzel nog redelijk in elkaar te passen, maar er ontbreekt een stukje. Dat zijn de mensenrechten, vooral de gelijkheid voor de wet. Wilders is er volstrekt eerlijk over dat hij de gelijke behandeling wil inperken of schrappen. Hij doet ook geen moeite ons laten geloven dat de vrijheid van godsdienst, onderwijs en meningsuiting en het recht op asiel, reizen, nationaliteit, privacy en gezinsvorming bij hem gewaarborgd zullen zijn. Daarmee heeft hij het grootste gedeelte van de universele mensenrechten in het vizier, en dat maakt hem zeker anti-democratisch.

Maar één meeuw maakt nog geen ondemocratische winter. De politieke partners CDA en VVD zeggen pal te staan voor de mensenrechten. Dat was ook de belofte van Maxime Verhagen voordat hij aan de onderhandelingen aan de rechtse coalitie begon, hoewel hij het vooral in termen van de godsdienstvrijheid formuleerde. In ieder geval was de boodschap: met ons erbij is de “rechtsstaat” in goede handen, en er komen geen discriminerende wetten (zoals “boerka’s zijn verboden, maar Ninjakostuums niet”), afgezien van het “hoofddoekjes”verbod in de rechterlijke macht. Maar dat laatste zal religieus-neutraal geformuleerd moeten worden in de maatregel die dat vastlegt.

Ons wacht echter wel een lange lijst maatregelen die niet discriminerend geformuleerd en misschien ook niet zo bedoeld zijn, maar die wel bepaalde groepen meer raken dan anderen. CDA en de VVD werken graag mee aan nog hogere eisen aan huwelijksmigratie, het strafbaar stellen van ongedocumenteerd verblijf, het afnemen van de Nederlandse nationaliteit, beperking van het recht op sociale zekerheid voor nieuwkomers, een werkvergunningenstop voor imams, en zo verder. Het lijkt er ook op dat de toegang tot politieke functies voor mensen met een tweede nationaliteit is bemoeilijkt, waarmee een kernprincipe van de democratie wordt geschaad. Al deze maatregelen zullen in hun samenhang de vrijheid van sommige minderheden flink kunnen beperken. Maar waar telt dat tot op? Is er in 2014 nog een beetje normaal te leven in Nederland als minderheid?

Het is moeilijk die vraag met een geruststellend “ja” te beantwoorden. In de afgelopen 10 jaar is de overheid al heel ver gegaan met (vaak goedbedoelde) maatregelen die het leven voor minderheden moeilijker maken. De etnische registratie van jongeren en de sluiting van wijken voor allochtone nieuwkomers zijn verregaande Rotterdamse voorbeelden. De al bestaande nationale eisen aan huwelijksmigratie en Turkse werknemers, maar ook de behandeling van minderjarige asielzoekers zijn zelfs al illegaal verklaard door Europese gerechtshoven.

Ook op straat en de werkplek is het nieuws slecht. Minderheden worden gediscrimineerd op de arbeidsmarkt en aangekeken in de bus. Het meest bedreigend moet de dagelijkse stroom berichten en commentaren in de media zijn (ook de linkse kranten) die migratie of islam in verband brengen met een lange lijst problemen. In de Volkskrant stond bijvoorbeeld in 2010 bij een artikel over de ontvoering van een Nederlander in Afghanistan (door criminelen) een foto van een groep vrouwen in boerka’s. Het is maar de vraag of de journalist zelfs maar in de gaten had dat dit een onzinnig verband is.

Minderheden houden zich meestal (wijselijk) stil, ook in Nederland. Maar te vaak zijn er hartverscheurende verhalen over door de overheid kapotgemaakte relaties en levensdromen. Het meest ingrijpend moeten de gevolgen zijn voor kinderen, die regelmatig in onmogelijke juridische en menselijke situaties terechtkomen. Citaten als “papa, op tv zeggen ze dat moslims slechte mensen zijn; moet ik me schamen om moslim te zijn?” zijn veelzeggend. Het feit dat Wilders nu feitelijk regeringsverantwoordelijkheid draagt, zal niet alleen tot meer maatregelen, maar ook tot meer angst leiden. Alles samen genomen zal voor bepaalde groepen het bestaan verliezen aan waardigheid, en in ieder geval aan gelijkwaardigheid.

Dit proces vindt ook plaats in een land dat een kwetsbaar staatsbestel heeft. Alleen in Nederland maakt een meerderheid van 51% in beide kamers van een maatregel wet, zelfs als deze in strijd is met de grondrechten. De toetsing door rechters van wetten aan de Grondwet is hier immers verboden. Ook kan de overheid zeer ver in de levens van mensen ingrijpen, met de ongewoon ruime bevoegdheden voor de politie en AIVD, de nationale vingerafdrukkendatabase en de vele systemen om OV- en autoreizigers en telefoon- en internetgebruikers te volgen. En Nederlanders laten zich dit gedwee overkomen, hoezeer ook we hierin internationaal uit de pas beginnen te lopen.

Het is dus zeker niet ondenkbaar dat de Nederlandse democratie ongemerkt de ‘dood door 1000 prikjes’ zou sterven. Dat maakt voorzichtigheid bij maatregelen die in samenhang bepaalde groepen hard kunnen raken een plicht. Zeker voor liberalen, de architecten van de moderne democratie. En zeker ook voor christendemocraten, het traditionele hart van ons staatsbestel. Mèt die voorzichtigheid biedt de samenwerking met Wilders kansen voor ‘gezond’ rechts beleid, maar met een kortzichtige blik ligt grote spijt op de loer.

Advertenties

Over misterblok
Consultant, investor and activist against destruction of democracy and the planet.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: