Wilders heeft gelijk: schrap Artikel 137c/d

Dit artikel verscheen gisteren op joop.nl.

Afgelopen donderdag werd Geert Wilders vrijgesproken van haatzaaien, belediging en discriminatie. Wilders en Rutte zijn natuurlijk blij. Maar bijna iedereen had zich uitgesproken tegen de rechtszaak, en er klonk dan ook een golf van opluchting in het land. De vraag is alleen wat er nu gebeurt. Wilders heeft er al toe opgeroepen om de artikelen waaronder hij vervolgd werd (137c en 137d) uit het wetboek te halen. In dit geval moeten we hem zijn zin maar geven.

De vele tegenstanders van de rechtszaak vonden dat de overheid de zaak niet kon winnen, en terecht. Als Wilders zou worden veroordeeld, zou hij een martelaar worden van het vrije woord. Nu hij is vrijgesproken staat de overheid in zijn hemd en heeft Wilders aan prestige gewonnen en een vrijbrief gekregen om vol op het orgel te gaan. Ironisch genoeg zullen alleen de nieuwste megamoskee├źn groot genoeg zijn voor het verwachte volume.

Een veelgehoord argument was ook dat de vrijheid van meningsuiting heel ruim moet zijn. Toch werden in diezelfde periode mensen vervolgd voor discriminerende en beledigende teksten, en werden homo- en jodenonvriendelijke meningen in krachtige termen veroordeeld. Men wilde dus niet af van artikelen 137c/d, wat ook een beetje vreemd was geweest. Nog in 2003 had de Nederlandse politiek die artikelen immers aangescherpt met een tweede deel waarin extra hoge straffen worden ingesteld voor mensen die “hun beroep maken” van haatzaaien en discriminatie, waarmee zeker ook politici werden bedoeld.

De rare spagaat van politici en commentatoren om voor die wetsartikelen te zijn, maar tegen de vervolging van Wilders is logisch als je vindt dat moslims minder bescherming van de wet nodig hebben dan joden. Dat is een mening die gezien het verleden onderbewust zeker zal meespelen, maar die democratische politici niet zullen toegeven. Of je zegt dat Wilders gelijk heeft, maar dat vinden er maar weinig.

De enige andere logische opstelling is dat de uitlatingen van Wilders niet erg genoeg zijn. Dat lukt alleen als je zegt dat Wilders het over een mening heeft, en niet over mensen. Logisch lijkt dat niet, omdat Wilders openlijk oproept tot apartheid en massa-uitzetting van mensen. Voordat de rechtszaak begon zal het dan ook nooit in Wilders zijn opgekomen dat hij het alleen had over een religie en niet over mensen. Dat hij dat toch beweerde in de rechtszaal kan in de vitrinekast van Wilderiaanse draaikonterij worden bijgezet. Toch ging de rechter er in mee, onder enorme maatschappelijke druk. De uitspraak van de rechter leest als een uitspraak van een kangaroo court, want hij moet voor iedere uitspraak die Wilders deed zich in nieuwe bochten wringen om uit te leggen dat het toch echt niet om mensen gaat.

Wilders kan nu gewoon doorgaan op de ingeslagen weg. Maar waar moet het heen met de gewraakte wetsartikelen?

Als we ze gewoon in de boeken laten staan, kunnen er drie dingen gebeuren. De wetsartikelen worden genegeerd, of we passen ze selectief toe (in de praktijk alleen als het gaat om joden en zwarten). In het eerste geval doet de wetgever zichzelf tekort met wetsartikelen die niet gebruikt worden. Het tweede geval is nog minder fijn, want dan wordt een wet discriminerend toegepast en blijft de kans bestaan op herhaling van het circus. De derde mogelijke optie, dat het Openbaar Ministerie en rechters zich weer actief gaan opstellen tegen opruiende anti-moslimtaal, lijkt voorlopig van de baan.

Het is daarom waarschijnlijk het logische gevolg van de ontstane situatie om de beide wetsartikelen te schrappen. Dat maakt het ook mogelijk om er een positieve draai aan te geven: “Nederland is het land met absolute vrijheid van mening”. Zo mag Den Haag misschien ook legal capital of the world blijven. We komen we wel in aanvaring met het Europese recht. Voordeel daarbij is dat de plannen van de regering Rutte op zoveel manieren tegen het Europese recht ingaan, dat er een goede kans is dat Europa geen tijd of wil zal hebben om tegenwicht te bieden. Eerst gaf de politiek de strijd op, nu de rechterlijke macht, en langzamerhand ook Europa. Niet alleen buiten hangen er donkere wolken.