9/11 veranderde alles. En 7/22?

Dit artikel verscheen op woensdag 14 september in iets ingekorte versie in Het Parool.

Nieuwssconsumenten werden deze week bestookt met artikelen over “9/11”, de aanslagen die afgelopen zondag 10 jaar geleden waren. De media wijzen er terecht op dat die aanslagen enorme politieke consequenties hebben gehad, ook in Nederland. Maar terugkijkend waren al die gevolgen helemaal geen logisch antwoord op 9/11. Dat staat in scherp contrast met een veel recentere terroristische aanslag, door Anders Breivik op 22 juli. Die lijkt nauwelijks politieke gevolgen te hebben, terwijl “7/22” dat juist wel zou moeten hebben.

De aanslagen van 11 september en 22 juli zijn deels vergelijkbaar. Intelligente jonge mannen kozen massamoord als middel in de strijd tegen wat zij zien als de vijanden van hun “volk”. Niemand had de aanslagen zien aankomen, waardoor er een groot schokeffect was. Zelfs het aantal slachtoffers als percentage van de bevolking van het land was gelijk. Er zijn natuurlijk ook belangrijke verschillen, zoals het absolute aantal slachtoffers en de gebruikte moordtechnologie. En natuurlijk het feit dat 9/11 live op televisie te volgen was en doelen trof die iedereen kent.

Maar deze verschillen zijn geen rationele verklaring voor de totaal verschillende reacties. De aanslagen van 11 september leidden onmiddellijk tot de invasie van Afghanistan en maakten de invasie van Irak en een martelprogramma mogelijk. De Amerikaanse regering nam ook in het binnenland harde maatregelen, zoals de USA Patriot Act. De schuldenlast die het gevolg is van de oorlogen staan in direct verband met de eerste kredietcrisis in 2008 en vooral ook de tweede in 2011. In Nederland gaf 9/11 Fortuyn een steun in de rug.

“Everything changed on 9/11”, maar gek genoeg vertelden die aanslagen ons niets wat we niet al wisten. Al Qaeda had in 2001 al een lange lijst aanslagen tegen Amerikaanse doelen op haar naam staan, die steeds meer verschoven van militaire naar burgerdoelen. Tien jaar eerder was er al een (net mislukte) poging geweest om het World Trade Center te laten instorten, en Bin Laden waarschuwde al jaren dat hij Amerika in het hart ging treffen. De Amerikaanse regering wist heel goed dat er Afghaanse terroristenkampen bestonden; die hadden ze zelf opgezet. Er was dus geen rationele reden voor de enorme politieke reactie die volgde op 11 september.

Vergelijk dat eens met het Europa in de nazomer van 2011. Er heerst terechte schok over 7/22. Maar niemand wil conclusies trekken uit de daden van Breivik. Terwijl die juist veel onthulden wat we nog niet wisten. We hebben bijvoorbeeld geleerd:

  • Er bestaat in heel Europa (niet alleen in Nederland) een ideologie die moslims als het grootste gevaar voor onze vrijheid en veiligheid ziet, en “links” als hun handlangers
  • De volgelingen van deze ideologie denken en praten in termen van strijd en oorlog, en een van hen heeft nu ook grof geweld gebruikt
  • Deze mensen (ook Breivik) hebben een sterk netwerk, zowel bovengronds (“Fjordman”, English Defence League, Pamela Geller) als ondergronds (neonazi’s)
  • Geert Wilders is (veel meer dan we ons realiseerden) de meest zichtbare en radicale moslimcriticus in de Europese politiek
  • Nederland is een baken van hoop en inspiratie voor een terrorist geworden.

Iedereen die deze lessen erkent, moet er politieke conclusies uit trekken. Er is natuurlijk een risico dat er meer aanslagen zullen volgen. Niet alleen overheidsdoelen of moslims zijn mogelijke doelwitten, maar waarschijnlijk ook “linkse” politici. Dan lijkt het logisch dat de politiek nog eens kijkt of het verkrijgen van vuurwapens en kunstmest niet moeilijker kan worden gemaakt. De AIVD zou meer aandacht kunnen geven aan potentiële rechtse terroristen, en het Openbaar Ministerie voor duizenden dagelijkse discriminerende commentaren op Internet.

Politici, van links tot democratisch rechts, zouden zich toch echt achter de oren moeten krabben of alle stigmatiserende taal over moslims (ook van henzelf) niet heeft bijgedragen aan een klimaat van haat en intolerantie. Iedereen kan zien dat de eeuwige vijand van de democratie, vreemdelingenhaat, weer terug is op volle sterkte. Het is tijd ons daarnaar te gedragen.

De kogel kwam van rechts, en ging door de kerk

De eerste reacties op de aanslagen in Noorwegen onthullen veel over onszelf

Gisteren vond een van de ergste aanslagen plaats in de naoorlogse Europese geschiedenis. Niet alleen het aantal doden, maar ook de manier waarop de jeugd op het eilandje stelselmatig werd uitgeroeid zijn huiveringwekkend. Het is nog veel te vroeg om definitieve conclusies te trekken over de oorzaken en toedracht van de aanslagen. Maar de reacties tot nu toe verraden al wel veel over onze houding ten opzichte van politiek geweld en moslims.

Toen alleen nog bekend was dat er een bom was afgegaan in het centrum van Oslo vielen de nieuwsmedia al over elkaar heen om te zeggen dat het hier waarschijnlijk om moslimterrorisme ging. Ook op Twitter gonsde het van de sarcastische opmerkingen zoals “islam is liefde” van HP/De Tijd-journalist en spervuurtwitteraar Bas Paternotte. Toen gisteravond bekend werd dat het waarschijnlijk om een diepchristelijke rechts-extremist ging, haalde Paternotte netjes bakzeil (“soms heten ze geen Achmed maar Knut” en andere tweets). Maar van sarcasme over christenen of rechts-extremisten geen spoor.

Ons taalgebruik zit ook vol van de vooroordelen. Gisteren werd het door iedereen een terroristische aanval genoemd. Nu is gebleken dat het niet om moslims gaat, is het geen terrorist of terrorisme meer, maar dader, killer, bloedbad, schietpartij of moordpartij. Vorig jaar vloog een vliegtuigje tegen het gebouw van de Amerikaanse overheid aan. Toen bleek dat het een blanke Amerikaan was die boos was op de overheid, werd opgelucht geconcludeerd dat het “geen terrorisme” was. Maar het was het natuurlijk wel.

De beschrijving van de beweegredenen van de dader zegt ook veel over onszelf. Als moslims terroristische aanslagen plegen, wordt de aanslag “laf” genoemd en vragen de commentatoren zich al gauw af wat er nou mis is met “de islam”. Nu er een blonde dader is, is er opeens ruimte voor de vraag waarom deze man tot zijn daden kwam. Op Sky News stelde een commentator al dat het onvermijdelijk is dat het Noorse politieke systeem zal moeten veranderen om een vreedzaam platform te bieden voor mensen als de dader. Het is ondenkbaar dat een moslimaanslag tot zo’n commentaar in de westerse media zou leiden.

De aanslagen herinneren ons er ook aan dat terrorisme vaak niet van moslims komt (zie ETA, IRA, Tamil Tijgers, FARC en Tim McVeigh). En ook in Nederland zijn bijna alle naoorlogse terroristische aanslagen (volgens Wikipedia 70 in aantal) het werk geweest van Molukkers, de IRA, de RAF en andere niet-moslims. De vaststelling dat politiek geweld iets is van alle plaatsen en alle tijden herinnert ons er ook aan dat moslimterrorisme niets bijzonders zegt over moslims in het algemeen. Net als bij andere terroristen komen gewelddadige moslims tot hun daden door een mengsel van woede, machteloosheid, zucht naar avontuur en opjutterij in een beperkte groep. Een mengsel dat ontbreekt bij de overgrote meerderheid van moslims. Dat kunnen democratisch gezinde mensen niet vaak genoeg herhalen, omdat de angst voor terrorisme een belangrijke zuil is van de afkeer van moslims die er momenteel in Nederland heerst.

De aanslagen in Noorwegen bevestigen de eerdere waarschuwing dat de recente aanslag in Alphen aan de Rijn onterecht niet tot zelfonderzoek heeft geleid (zie artikel op DeJaap.nl)

We vinden dat Alphen de daad van een eenzame gek was die te makkelijk aan wapens kon komen. De regels voor wapenbezit worden daarom aangescherpt. Maar het is nu ook tijd om ons af te vragen of wij in Nederland een structurele geweldsdreiging hebben uit de rechts-extremistische hoek. Een dreiging die misschien aangewakkerd wordt door de constante beledigingen van moslims en “linkse” mensen in de Haagse politiek.

Wat dat betreft spelen CDA en VVD nu met hetzelfde vuur als Elsevier, De Telegraaf en Wilders al jaren doen. Zij roepen allemaal niet op tot geweld, maar er is een kans dat een kwetsbaar deel van de bevolking op termijn geweld gaat gebruiken onder dit spervuur van lelijke woorden over linkse en islamitische mensen. Wat dat betreft mogen we blij zijn dat de aanslagen in Noorwegen het werk zijn van een blanke extremist. Want de gevolgen van een grote moslimaanslag voor de sociale verhoudingen en het politieke landschap in dit boze en bevooroordeelde Nederland zouden wel eens niet te overzien kunnen zijn.

Dank God voor Allah

Dit stuk verscheen eerder vandaag op joop.nl.

Moslims en de islam worden in Nederland dagelijks in verband gebracht met een lange lijst problemen. Gelukkig is de voedingsbodem voor uitsluiting of uitzetting ondanks dat nog steeds beperkt. Maar als redelijke mensen het er over eens zijn dat moslims in Europa zullen blijven als gelijkwaardige burgers, lijkt het verstandiger om te proberen een positief beeld van ze te hebben. Een beeld dat in de Nederlandse media en politiek eigenlijk niet meer geschetst wordt. Dat is niet alleen onverstandig, maar ook onterecht.

De geschiedenis heeft in ieder geval veel goeds te zeggen over moslims. Tijdens de middeleeuwen hebben islamitische geleerden de erfenis uit de Griekse oudheid bewaard en uitgebouwd. De moderne gezondheidszorg, wiskunde, astronomie, scheikunde en werktuigbouw zijn door moslims in gang gezet, en veel wetenschappers vinden onze Renaissance ondenkbaar zonder alle islamitische innovaties. Het mooiste gebouw ter wereld, de Taj Mahal, is een islamitisch monument voor de liefde voor een vrouw. De bijdrage van moslims aan onze moderne wereld is dus enorm geweest. Maar toch gaat het te ver om moderne moslims de te eren voor prestaties van 500 jaar geleden, net zoals het flauw is om vergeten geschiedenis te gebruiken om hedendaagse moslims te kritiseren.

Relevanter is de vraag of de religieuze plichten van een moderne moslim goed of slecht voor de rest van ons zijn. Aan de 5 pilaren van de islam zal het niet liggen. Moslims moeten de enige God en zijn Koran erkennen; onderzoek laat zien dat geloof mensen gelukkiger maakt. Moslims moeten geld geven aan armen en zieken; daar kan niemand tegen zijn. Ze moeten 5 keer per dag bidden in een ritueel dat sterk op yoga lijkt; dat is gezond en dus goedkoper voor de gezondheidszorg. Eens in het jaar moet de moslims een maand overdag vasten; wetenschap laat zien dat ook dat heel gezond is. En een keer in hun leven moeten moslims een pelgrimstocht naar Mekka maken; dat is misschien slecht voor het milieu maar goed voor de verhoudingen tussen volkeren.

Al met al een positieve balans van kleine voordelen. Maar moslims kunnen ons ook helpen met de echt grote problemen van de wereld. De economische crisis werd veroorzaakt door ingewikkelde financiële instrumenten die in strijd zijn met de regels voor islamitische financiële dienstverlening, en was gewoon aan ons voorbijgegaan als moslims daar meer invloed hadden. Er is een enorm tekort aan grondstoffen, terwijl moslims die minder dan gemiddeld gebruiken en meer dan gemiddeld leveren. De spoken van racisme en oorlogszucht blijven overal de kop op steken, terwijl moslimlanden relatief vaak voorbeelden zijn van raciale tolerantie en vredelievendheid. En seksueel misbruik van minderjarigen komt niet vaak voor als er geen kerkelijke hiërarchie of koorknapen zijn.

De problemen die in onze Nederlandse steden heersen kunnen ook wel wat meer islam gebruiken. Stelen is streng verboden voor gelovige moslims, en onderzoek laat dan ook zien dat vrome moslims zelden in beeld komen bij de politie. Ze drinken ook geen alcohol. Als we dat allemaal zouden doen vallen er honderden minder verkeersdoden, is er veel minder overgewicht, en drinkt puber noch volwassene zich dood. Geheelonthouding is er misschien ook de oorzaak van dat meldingen van huiselijk geweld minder vaak voorkomen bij migranten dan in inheemse kring. Het is al met al niet verwonderlijk dat de problemen die worden toegeschreven aan jonge moslims vooral plaatsvinden bij de generatie die de oude religieuze tradities laat varen.

Moslims zijn mensen, en hun gedrag wordt meer beïnvloed door de situatie waarin ze zich bevinden dan door een oud boek. Het is dus te makkelijk al dit goede nieuws zomaar aan de islam toe te schrijven. En er zijn ook moslims die zich door hun geloofsinterpretatie en hun omstandigheden laten leiden naar slecht gedrag. Maar het is dus niet alleen zo dat de meeste aanklachten tegen “de islam” onterecht of overtrokken zijn; het blijkt zelfs makkelijk om moslims juist ook in verband te brengen met positief gedrag. Dat is iets om in gedachten te houden als we de volgende keer de krant open slaan of de TV aanzetten.

Wat nou populisme?

Dit artikel verscheen eerder vandaag op joop.nl.

Nederland heeft een sterke traditie in het kiezen van ongelukkige benamingen voor politieke vraagstukken. De term “allochtoon” betekent in de praktijk “de anderen”, en heeft zeker een rol gespeeld bij de steeds strengere maatregelen tegen immigratie en minderheden. De gezondheidszorg ging ooit opeens “zorg” heten, waardoor iedere ouder of geraniumbezitter zich nu een beetje ar

ts kan voelen. Politici kunnen geld uitgeven “investeren” noemen zonder dat ze worden uitgelachen. De nieuwste loot aan deze stam is het woord “populisme”. Ook hier wordt een woord op een manier gebruikt die de kwaliteit van het debat niet dient.

Het wordt populisme bestaat al heel lang, en wordt traditioneel gebruikt voor een stijl van politiek voeren. Meestal spreekt de politicus ingrote woorden namens “het volk”, dat de macht moet terugpakken van de elite in de hoofdstad. In Latijns-Amerikaanse landen bestaat een sterke populistische traditie. In de jaren ’80 deed in de VS de zakenman Ross Perot een gooi naar het presidentschap met een vlammende campagne tegen zittende politici. Hier maakte in de jaren ’60 Boer Koekoek furore met wilde uitspraken die hem dè grote protestpoliticus maakte van de Nederlandse 20e eeuw.

Geert Wilders heeft ook een populistische stijl, maar gek genoeg is ook zijn politieke programma populistisch gaan heten. Dit komt ook omdat het maar niet wil lukken om een goede naam voor dat programma te bedenken. We probeerden nationaal-liberaal en nieuw-radicaal-rechts, maar het dekte de lading toch niet. Extreem-rechts of fascistisch vinden de meesten te ver gaan. Bij gebrek aan beter is door een proces van kruisbestuiving zijn ideologie dezelfde naam gaan dragen als zijn stijl: populisme.

Zo kan het gebeuren dat de qua stijl keurige, maar qua inhoud keiharde speech die CDA-leider Maxime Verhagen onlangs gaf over “terechte” angst voor vreemdelingen werd onthaald als een koerswijziging van het CDA richting het populisme. Ook de VVD wordt populistisch genoemd als ze netjes geformuleerde maar minderhedenonvriendelijke voorstellen doet. Terwijl populistische politici uit het verleden vaak niets tegen minderheden hadden.

Door een woord met een zo rijke historie een zo rare betekenis te geven doen we onszelf tekort. In de eerste plaats verdient de populistische stijl in de politiek natuurlijk een apart woord. Een partij als de SP, (die soms populistisch is qua stijl) wordt nu opeens geassocieerd met vreemdelingenhaat. Ook wordt extreem beleid op deze manier weer een stukje acceptabeler gemaakt, want populisten zijn er altijd geweest. Over Wilders hoeven we ons dus ook geen zorgen te maken. En wie kan er iets hebben tegen luisteren naar de wil van het volk?

Het woord populisme moet dus weer terug in zijn hok. Er is gelukkig een prima alternatief. Wilders steunt op twee pilaren: het verminderen van de invloed van het buitenland en het in stand houden van verworvenheden zoals de 65-jarige pensioenleeftijd (waarbij beloftes op dat tweede gebied na de verkiezingen wel wat zacht blijken). Het eerste noemen we meestal nationalisme, het tweede noemen we sociaal. We moeten die termen niet in die volgorde aan elkaar plakken, want dan brengen we Wilders in verband met misdaden die hij waarschijnlijk niet van plan is.

Maar we moeten er ook niet bang voor zijn om de ideologie van Wilders te benoemen met een term waar een beetje venijn in zit. Dat zit immers ook in zijn bewoordingen en zijn politieke programma, dat de meeste mensenrechten wil inperken of afschaffen.

Sociaal-nationalisme is dus de beste benaming voor het denken van Wilders. Het is niet te flauw, en ook niet te gepeperd. En als CDA of VVD weer eens met verregaande minderhedenonvriendelijke plannen komen, dan kunnen we die ideeën gewoon nationalistisch noemen. Want “sociaal” kunnen we daar rustig weglaten.

Wilders heeft gelijk: schrap Artikel 137c/d

Dit artikel verscheen gisteren op joop.nl.

Afgelopen donderdag werd Geert Wilders vrijgesproken van haatzaaien, belediging en discriminatie. Wilders en Rutte zijn natuurlijk blij. Maar bijna iedereen had zich uitgesproken tegen de rechtszaak, en er klonk dan ook een golf van opluchting in het land. De vraag is alleen wat er nu gebeurt. Wilders heeft er al toe opgeroepen om de artikelen waaronder hij vervolgd werd (137c en 137d) uit het wetboek te halen. In dit geval moeten we hem zijn zin maar geven.

De vele tegenstanders van de rechtszaak vonden dat de overheid de zaak niet kon winnen, en terecht. Als Wilders zou worden veroordeeld, zou hij een martelaar worden van het vrije woord. Nu hij is vrijgesproken staat de overheid in zijn hemd en heeft Wilders aan prestige gewonnen en een vrijbrief gekregen om vol op het orgel te gaan. Ironisch genoeg zullen alleen de nieuwste megamoskeeën groot genoeg zijn voor het verwachte volume.

Een veelgehoord argument was ook dat de vrijheid van meningsuiting heel ruim moet zijn. Toch werden in diezelfde periode mensen vervolgd voor discriminerende en beledigende teksten, en werden homo- en jodenonvriendelijke meningen in krachtige termen veroordeeld. Men wilde dus niet af van artikelen 137c/d, wat ook een beetje vreemd was geweest. Nog in 2003 had de Nederlandse politiek die artikelen immers aangescherpt met een tweede deel waarin extra hoge straffen worden ingesteld voor mensen die “hun beroep maken” van haatzaaien en discriminatie, waarmee zeker ook politici werden bedoeld.

De rare spagaat van politici en commentatoren om voor die wetsartikelen te zijn, maar tegen de vervolging van Wilders is logisch als je vindt dat moslims minder bescherming van de wet nodig hebben dan joden. Dat is een mening die gezien het verleden onderbewust zeker zal meespelen, maar die democratische politici niet zullen toegeven. Of je zegt dat Wilders gelijk heeft, maar dat vinden er maar weinig.

De enige andere logische opstelling is dat de uitlatingen van Wilders niet erg genoeg zijn. Dat lukt alleen als je zegt dat Wilders het over een mening heeft, en niet over mensen. Logisch lijkt dat niet, omdat Wilders openlijk oproept tot apartheid en massa-uitzetting van mensen. Voordat de rechtszaak begon zal het dan ook nooit in Wilders zijn opgekomen dat hij het alleen had over een religie en niet over mensen. Dat hij dat toch beweerde in de rechtszaal kan in de vitrinekast van Wilderiaanse draaikonterij worden bijgezet. Toch ging de rechter er in mee, onder enorme maatschappelijke druk. De uitspraak van de rechter leest als een uitspraak van een kangaroo court, want hij moet voor iedere uitspraak die Wilders deed zich in nieuwe bochten wringen om uit te leggen dat het toch echt niet om mensen gaat.

Wilders kan nu gewoon doorgaan op de ingeslagen weg. Maar waar moet het heen met de gewraakte wetsartikelen?

Als we ze gewoon in de boeken laten staan, kunnen er drie dingen gebeuren. De wetsartikelen worden genegeerd, of we passen ze selectief toe (in de praktijk alleen als het gaat om joden en zwarten). In het eerste geval doet de wetgever zichzelf tekort met wetsartikelen die niet gebruikt worden. Het tweede geval is nog minder fijn, want dan wordt een wet discriminerend toegepast en blijft de kans bestaan op herhaling van het circus. De derde mogelijke optie, dat het Openbaar Ministerie en rechters zich weer actief gaan opstellen tegen opruiende anti-moslimtaal, lijkt voorlopig van de baan.

Het is daarom waarschijnlijk het logische gevolg van de ontstane situatie om de beide wetsartikelen te schrappen. Dat maakt het ook mogelijk om er een positieve draai aan te geven: “Nederland is het land met absolute vrijheid van mening”. Zo mag Den Haag misschien ook legal capital of the world blijven. We komen we wel in aanvaring met het Europese recht. Voordeel daarbij is dat de plannen van de regering Rutte op zoveel manieren tegen het Europese recht ingaan, dat er een goede kans is dat Europa geen tijd of wil zal hebben om tegenwicht te bieden. Eerst gaf de politiek de strijd op, nu de rechterlijke macht, en langzamerhand ook Europa. Niet alleen buiten hangen er donkere wolken.

Wilders de democraat

Dit artikel verscheen eerder vandaag op joop.nl.

In Nederland wordt vaak beweerd dat Wilders een democraat is, omdat hij graag aan verkiezingen meedoet. De politicoloog Meindert Fennema is een bekende voorstander van deze mening. Maar er zijn veel aanwijzingen dat Wilders hele grote veranderingen wil aanbrengen in ons staatsbestel. Als Wilders’ ideale staatsbestel geen democratie genoemd kan worden, kun je Wilders ook niet met droge ogen een democraat noemen. Is dat ideale Nederland van Wilders een democratie?

Een democratie is niet alleen een systeem waarin de meerderheid zijn zin krijgt (door verkiezingen en een parlement), maar ook een systeem waarin minderheden beschermd worden tegen de dictatuur van de meerderheid. Het moderne Rusland is bijvoorbeeld een land waar een grote meerderheid op Poetin stemt, maar in het Westen noemt niemand het een democratie. Wat daar ontbreekt zijn de andere pijlers van de democratie: een vrije pers, onafhankelijke rechters en respect voor de mensenrechten. Vooral dat laatste is een handige maatstaf. Hoe minder een regering zich weinig aantrekt van universele mensenrechten zoals vrijheid van meningsuiting of gelijkheid voor de wet, des te minder democratisch het land is.

De mensenrechten zijn in Nederland vastgelegd in de Grondwet en het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens (EVRM). Daarnaast geldt als maatstaf voor de mensenrechten ook de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM) die in 1948 door de Verenigde Naties is aangenomen. Samen zijn ze een nuttige meetlat voor het democratisch gehalte van een politicus.

Een politicus die een artikel uit één van die documenten wil aanpassen of schrappen, is niet meteen fout. Omstandigheden veranderen, en inzichten ook. In Nederland vinden de meeste mensen dat homo’s ook moeten kunnen trouwen, terwijl artikel 16 uit het UVRM stelt dat huwelijk een zaak van mannen en vrouwen is. Preventief fouilleren lijkt in strijd met artikel 12 uit het UVRM (verbod op arbitraire inmenging in het privéleven), maar als je daar voorstander van bent, ben je niet meteen bezig de democratie omver te werpen. Maar een politicus die mensenrechten maar lastig vindt en ze daarom op grote schaal negeert of wil schrappen, is een vijand van de democratie. Laten we de onderstaande tabel dus even bekijken.

Tabel: welke grondrechten wil Wilders negeren, veranderen of schrappen?
Principe/recht Artikel In gevaar? Toelichting
Gelijkheid


Discriminatieverbod G1, E14, U1/2/7 Direct citaat
Gelijke benoeming overheid G1, E14, U21 Mensen met 2 paspoorten onwelkom als minister
Veiligheid
Recht op leven E2, U3 ? Asielzoekers gaan regelmatig dood; doden Osama gesteund
Martelverbod E3, U5 Positief over VS-marteling; Israelische martelingen gesteund
Slavernijverbod E4, U4 x Ondenkbaar, ook voor Wilders
Onaantastbaarheid lichaam G11, U3 ? Wil misschien ‘force feeding’ van asielhongerstakers
Ophitsingsverbod U7 Wilders’ uitspraken creëren sfeer van angst en haat
Recht op asiel U14 Wil totale immigratiestop, vooral voor niet-blanke migranten
Politieke rechten
Algemeen kiesrecht G4, U21 ? Stemrecht migranten niet gegarandeerd onder PVV
Recht op nationaliteit G2, U15 Wil soms nationaliteit ontnemen, kan op 0 uitkomen
Vrije meningsuiting G7, E10, U19 ? Gedrag tov critici en journalisten zeer negatief
Vrije vereniging G8, U20 ? Verbod op migrantenverenigingen mogelijk onder PVV
Vrije partijvorming G8, U20 ? PVV-Eerste kamerlid Sörensen wil éénpartijenstelsel
Vrije vergadering G9, E11, U20 ? Niet zeker dat migranten/’links’ mogen vergaderen onder PVV
Vrije betoging G9 Wil schieten op migrantendemonstraties
Vrije informatie U19 ? Censuur (moslim-)sites/verbod op zenders
Vrije drukpers G7, E10, U19 ? Uit bijna dagelijks minachting voor ‘linkse’ media
Privacy
Recht op privacy G10, U12 Wil allerlei vormen van afluisteren/fouilleren van burgers
Onschendbaarheid woning G12, U12 x Recht niet in gevaar
Briefgeheim G13, U12 ? PVV meestal niet pro-privacy, maar wel tegen DPI door KPN
Recht op huwelijk E12, U16 Wil huwelijk neven verbieden, ex-EU gezinsvorming stoppen
Bescherming gezin E8, U12/15/16/25 Asiel- en gezinsvormingmaatregelen negeren dit recht
Vrijheid godsdienst G6, E9, U18 Geen moskeeën, geen reli-kleding, geen Koran
Vrijheid levensovertuiging G6, E9, U18 Noemt islam zelf levensovertuiging, en wil deze marginaliseren
Vrijheid gedachte E9, U18/19 Wil orthodoxe imams deporteren (niet ‘orthodox prekende’)
Vrijheid onderwijs G23, U26 Wil islamitisch onderwijs verbieden
Bescherming goede naam U12 Beledigt moslims en ‘linkse’ politici en journalisten voortdurend
Vrij bewegen U13 Wil grenzen sluiten voor grote groepen mensen
Rechtszekerheid
Bescherming onteigening G14, U17/27 x Recht niet in gevaar
Geen straf zonder wet G15, E6, U9 x Recht niet in gevaar
Onschuld tot bewezen U11 ? Heeft onschuldig verklaarde mensen schuldig verklaard
Recht op eerlijk proces G15, E4, U6/10 Asielzoekers wordt dit recht deels ontzegd
Toegang tot rechter G15/17, E13, U6/8/10 Asielzoekers wordt dit recht deels ontzegd
Rechtszekerheid G16, U9/11 ? Wens om lange lijst bestaande rechten in te perken
Sociale rechten
Sociaal-culturele rechten U22/27 Wilders wil moslims marginaliseren in de maatschappij
Arbeid U23 ? Kledingverboden voor moslims kunnen werk zondig maken
Rust en vakantie U24 x Recht niet in gevaar
Vrede/internationale orde U28 PVV overweegt aanval op Iran, steunt ‘rogue state’ Israel
G=Nederlandse Grondwet, E=EVRM, U=UVRM. Overige bronnen: uitlatingen Wilders uit diverse kranten en websites

Deze tabel laat weer eens een verontrustend beeld zien. Wilders heeft lak aan een lange lijst mensenrechten, zeker genoeg om hem ondemocratisch te noemen. Hoe lang de lijst precies is, is niet duidelijk omdat Wilders hierover niet wil discussiëren.

De afgelopen jaren is het een gewoonte in Nederland geworden om Wilders het voordeel van de twijfel te geven. De meeste mensen namen hem bijvoorbeeld serieus als hij het had over de vrijheid van meningsuiting, maar dat doet nu niemand meer. Het politieke handelen van de andere partijen zou dus gebaseerd moeten zijn op het nadeel van de twijfel. Totdat Wilders helder uitlegt waarom zijn ideale Nederland nog steeds een democratie is (en zolang hij uitnodigingen daartoe “in de prullenbak mietert”) moet hij worden behandeld als een politicus die het democratische proces wil gebruiken om het van binnen uit te hollen. Laten we ervoor zorgen dat de democratie het laatst lacht, en niet haar vijand. Want dat is Wilders ontegenzeggelijk.

De VVD waait met u mee

Dit artikel verscheen eerder vandaag op dejaap.nl.

Sommige VVD-Statenleden gaan maandag op de SGP stemmen bij de Eerste Kamerverkiezingen, in een poging om een restzetel bij de SP weg te halen. Het is ironisch dat de VVD dit doet nadat een SGP-statenlid in Flevoland tegen een VVD-gedeputeerde stemde omdat ze vrouw is. Maar het meeste rumoer komt van mensen die zich afvragen hoe de liberale VVD de meest anti-liberale partij van Nederland steunt. Dat lijkt op kiezersbedrog. Maar alleen voor de mensen die de partij op haar image beoordelen, en niet op haar woorden en daden.

Tijdens de formatie in 2010 liet de partijen die later in de oppositie terecht kwamen zich verrassen door het enthousiasme van de “sociaal-liberaal” voor de rechtse optie. Ze hadden dus veel minder onderhandelingsruimte dan ze dachten, en dus was Wilders aan de beurt. Het was de zoveelste keer dat optimisme over de aard van Rutte en Wilders tot verkeerde keuzes leidde. Optimisme dat nergens op gebaseerd is.

De kopstukken van de VVD grossieren in harde taal die 10 jaar geleden nog tot algemene veroordeling had geleid, zelfs door de rechter. Fred Teeven pleitte voor op etniciteit gebaseerde straffen. Mark Rutte vindt dat de joods-christelijke cultuur leidend moet zijn en dat moslims dit land niets te bieden hebben. Hij heeft het voortdurend over “hardwerkende Nederlanders”, wat te begrijpen valt als een betoog dat niet-Nederlanders luie profiteurs zijn. Hij vierde de overwinning bij de sociale statenverkiezingen met de opmerking dat hij Nederland aan de Nederlanders wil teruggeven. Niet alle ingezetenen voelden zich fijn bij die opmerking.

Ook het verkiezingsprogramma uit 2010 stond vol met harde taal. De hele religieparagraaf was één grote opsomming van flauwe aanklachten tegen “de islam”. Slecht onderwijs, kindermishandeling, eerwraak, aparte vrouwenafdelingen in bussen: het is klaarblijkelijk geen gevolg van sociaal-economische processen of ouderwetse tradities, maar van een enge religie. De plannen voor asielzoekers, gezinsvormers en gezinsherenigers bevestigden de afkeer van vreemdelingen. Een aanpak van de bewezen discriminatie tegen migranten op de arbeidsmarkt ontbrak, maar een verwijzing naar een “cultureel drama” niet.

Daarna liet de vorming van het kabinet Rutte nog eens zien waar de moderne VVD voor staat. Rutte had sociaal-economisch meer van zijn programma kunnen binnenhalen met Cohen dan met Wilders. Hij koos voor de laatste, wat de overlap in denkbeelden over immigratie en religie verraadt. Dit werd nog eens bevestigd toen de discriminerende plannen van de PVV werden gereduceerd tot het slappe “wij vinden de islam een religie, hij een ideologie”. Het resulterende gedoogakkoord negeert principes zoals gelijkheid voor de wet, het recht op nationaliteit en vrije toegang tot de rechter, en de Vluchtelingen- en Kinderrechtenverdragen worden uitgehold tot een lege huls.

Maar de VVD was pas begonnen. Fractievoorzitter Stef Blok beschouwt het mensenrechtenhof in Straatsburg als lastig, in plaats van als de belangrijkste beschermer van de mensenrechten in Nederland. Kamerlid Jeanine Hennis pleitte voor het schrappen van de vrijheid van godsdienst; nogal ironisch in het licht van de “islam is voor ons een te respecteren religie” rationalisering van de samenwerking met Wilders. De oproep om “hoofddoekjes” achter de balie op het stadhuis verbieden was een doorzichtige poging om stemmen te winnen ten koste van moslims. Want een serieuze poging om een discussie over kerk en staat te starten ontbrak, net als de noodzaak om te klagen over kleding op het stadhuis.

En dan nu het voornemen om te gaan stemmen op SGP. Een partij die qua homo- en vrouwonvriendelijkheid geen enkele Nederlandse imam voor hoeft te laten gaan, en die de democratie een atheïstische gruwel vindt. De VVD waait flexibel met de wind mee, maar het liberalisme heeft absolute waarden. Waarden die bij de VVD momenteel vooral als lastig worden ervaren. Misschien lukt het de VVD om zichzelf te hervinden als een (in Nederland hard nodige) liberale volkspartij. Lukt dat niet, dan wordt het tijd dat commentatoren de partij gaan bestempelen als conservatief, nationalistisch of anti-immigratie. En voor andere partijen om de VVD ook zo te behandelen.

Voetballen met een leeuw

Hoe de verdediging van Wilders als een boemerang terug kwam

Dit artikel verscheen iets ingekort gisteren op Joop.nl.

In de afgelopen weken hebben Geert Wilders en zijn PVV voorgoed afgedaan als vermeende voorvechters van het vrije woord. De ene na de andere lezing of popconcert werd gecensureerd, oprechte critici wordt verweten op te roepen tot politieke moord, en in Canada werden afgelopen maandag zelfs de aantekeningen van een journalist afgepakt toen Wilders daar een speech wilde geven. Als CDA en VVD Wilders wilden matigen met kabinetsdeelname dan is dat niet gelukt. Maar ook de koers waar Femke Halsema GroenLinks op zette is failliet.

Eén van de meest wonderlijke taferelen in het spannende politieke jaar 2010 was het afscheid van Femke Halsema. Ze had als afsluiting van een glansrijke carrière uit allerlei groene of sociale onderwerpen kunnen kiezen, maar besloot om ervoor te pleiten dat de wet moet worden veranderd om Wilders ook buiten het parlement absolute spreekvrijheid te geven. Het past in de aanpak van de afgelopen jaren, waarin de GroenLinks-top een hartstochtelijk bestrijder was van de discriminatierechtszaak tegen Wilders. Halsema vindt dat het politieke debat aan kwaliteit wint als het scherp gevoerd wordt, en ze wilde voorkomen dat Wilders als een buitenstaander zou worden behandeld. Zo zou Wilders zich matigen en niet te populair worden.

Die aanpak is hooguit deels succesvol geweest, om het maar zo te zeggen. Maar het heeft ook een spoor van vernieling in de partij getrokken. Maar liefst 98% van de GroenLinks-stemmers uit 2006 steunden de vervolging van Wilders. Meerdere keren werd zelfs na het besluit van het Hof kritiek geuit op de rechtszaak, waarmee de fractie onvoorzichtig omging met de rechterlijke onafhankelijkheid en het aanzien van de rechterlijke macht. De tegenstand tegen de zaak ging uiteindelijk zo ver dat een van de stuwende krachten in de aanklachten tegen Wilders, ex-lijsttrekker Mohammed Rabbae, in 2010 de partij uitgejaagd is.

Ondertussen sloot GroenLinks zich zelfs aan bij het anti-islamkoor. Halsema en het partijbestuur vinden dat “de islam” slecht is voor homo’s en vrouwen, wat op zijn best analytisch lui en generaliserend is, en op zijn slechtst bijdragend aan het haatklimaat tegen migranten. Dat laatste geldt zeker voor de harde woorden die Halsema over had voor vrouwen die een hoofddoek dragen, nog gematigd in de pers maar niet in privégesprekken. GroenLinksers kwamen ook niet meer spreken bij de vele demonstraties tegen het gedachtegoed van Wilders. Het leidde allemaal tot veel onrust in de partij. Onrust die misschien zelfs een rol bij Halsema’s vertrek speelde.

Aan de basis van de houding ten opzichte van Wilders stond de gedachte dat hij een legitieme mening heeft die hij moet kunnen uiten in een debat. We wisten al dat Wilders veel grondrechten wil schrappen, maar hoopten dat hij hield van het democratische spel. Het is nu voor iedereen die niet ligt te slapen duidelijk dat Wilders geen behoefte heeft aan een democratisch debat, dat hij geen mening uit die die naam verdient, en dat hij critici monddood wil maken door gebruik te maken van zijn podium en macht. Hij speelt het spel niet om het te winnen, maar om het kapot te maken. Politici die iets anders dan zijn veiligheid verdedigen dragen dus alleen maar bij aan de ontrafeling van ons democratisch bestel.

Een veelgehoord argument (van o.m. Halsema en politicoloog Meindert Fennema) is dat mensen die Wilders niet de volle meningsuitingvrijheid gunnen niets beter zijn. Dat slaat de plank volledig mis. Iedereen gunt Wilders dezelfde vrijheid om meningen te uiten die we allemaal hebben. Als dat voorbij de overal bestaande wettelijke grenzen van discriminatie, haatzaaien of belediging heengaat, beslist de rechter over ons lot, maar dan moet hij wel z’n werk in rust kunnen doen. En er is natuurlijk ook de asymmetrie dat de Wilderscritici de fragiele democratie willen beschermen, en Wilders hem ontmantelen. Ieder staatsbestel mag zichzelf verdedigen.

De machtsoverdracht aan Jolande Sap biedt de kans om de GroenLinkse aanpak te normaliseren. Er zijn inderdaad ook signalen dat Sap kritischer staat tegenover Wilders en Rutte dan haar voorganger. Ze heeft bijvoorbeeld recent op TV gezegd dat Wilders belangrijke rechten wil schrappen, en ze nam flink stelling tegen de oproep van de VVD om het mensenrechtenhof in Straatsburg aan banden te leggen. Veel was het niet, maar er is nog hoop dat GroenLinks weer de natuurlijke hoofdrol zal opeisen in de bestrijding van racisme en uitsluiting. Daarmee win je stemmen, maak je je leden enthousiast, maar vooral stop je de betonrot in ons staatsbestel.

Wilders gooit open brief in prullebak

De ironie van hypocrisie: naschrift. Dit artikel verscheen eerder vandaag op joop.nl.

Afgelopen zondag publiceerde Joop.nl een artikel waarin ik mijn woede uitte over de afgelasting van de Arondéuslezing op verzoek van de PVV. Omdat er nu klaarblijkelijk een taboe is om te praten over het taboe om te praten over De Oorlog, wilde ik een democratische daad stellen door de meest consequente Oorlogsvergelijking te maken, namelijk met Adolf Hitler. De beste vergelijking doe je in een tabel, en daarin was er een verontrustend grote overlap in het denken en praten van Geert Wilders met de grote boeman uit het verleden. Er zijn ook enkele belangrijke verschillen (die je trouwens ook niet kunt vinden zonder een vergelijking!). Daarom hield ik me ver van beledigende bewoordingen over Wilders, zoals andere commentatoren dat wel hebben gedaan.

Omdat die nuance voor veel mensen moeilijk te begrijpen is, en omdat de tabel toch wel erg frappant is, was het een drukke en enerverende week. Heel veel mensen waren tegelijk geschrokken en blij over het artikel. Commentatoren als Bas Heijne en Paul Wilders namen er afstand van, ondanks de analytisch-satirische toon en inhoud. Geert Wilders zelf voelde zich genoodzaakt de frasen “ziekelijke demonisering” en “de kogel van links” in te zetten, waarmee hij mij beschuldigt bij te dragen aan een klimaat dat tot een moordaanslag op hem zou kunnen leiden. Omdat meerdere politici en commentatoren die zich pittig tegen Wilders opstellen bedreigd zijn, dragen die woorden een zware lading. Ik voel me dus niet helemaal veilig meer. De opmerking van Wilders op TV dat ik “mezelf maar uit de nesten moet helpen” heeft me niet geruster gemaakt.

Ik besloot de hatelijke reactie van Wilders een positieve draai te geven door hem een open brief te sturen. Daarin vroeg ik hem hoe zijn voorstellen zijn te rijmen met een democratisch bestel. Ook ben ik zeer benieuwd naar de grenzen van zijn dadendrang: wat is voor hem tè extreem? Ik verwachtte geen antwoord, wat nogmaals zou bevestigen dat Wilders niet geïnteresseerd is in een inhoudelijk debat.

Maar er kwam wel een reactie, in PowNews afgelopen vrijdagavond. Wilders had de brief “in de prullenbak gemieterd”. Hij erkende dus de brief te hebben gekregen en op zijn minst gedeeltelijk gelezen, maar geen enkele belangstelling te hebben in het geven van antwoorden. Misschien dat hij daarmee zijn achterban aanspreekt, maar de rest van Nederland geeft dit toch te denken. Al met al een slechte beurt, zelfs voor Wilders.

Maar de echte doelgroep van het eerste artikel en de brief was natuurlijk het politieke midden (tot en met centrum-links). Al meer dan 10 jaar lang wordt daar slap en onterecht optimistisch gereageerd op het xenofobe gevaar. Femke Halsema gaf dit in 2009 op televisie toe, en ging daarna gewoon weer verder op de ingeslagen weg. Wilders’ voorstellen werden “onverstandig” genoemd, maar zelden gevaarlijk of ondemocratisch. Het heeft niet gewerkt. Het midden schoof op naar een harde aanpak van migranten, wat Wilders nog verder naar het extreme dwong. Men deed daarna alles om de rechtszaak wegens haatzaaien en discriminatie te torpederen. Dat geeft Wilders een vrij podium en ondermijnt de rechterlijke macht. En meer recent wordt de PVV als een normale partij behandeld, wat nu zelfs tot regeringsdeelname heeft geleid.

Zo wordt het extreme al gauw gewoon. Een “liberale” partij ging enthousiast in zee met de PVV. De andere partner, het CDA, was in 2010 opgelucht dat de vrijheid van godsdienst (althans voor christenen) niet zou worden aangetast en noemde het regeer-/gedoogakkoord “christendemocratisch” en “rechtsstatelijk”. Een bijzondere benaming voor een deal met de VVD en Wilders die op tientallen punten tegen grondwettelijke en internationale regels ingaat, en die asielzoekers, gezinsvormers en moslims in de kou laat staan. Het beste wat de oppositie heeft kunnen bedenken als reactie zijn aanklachten van “symboolpolitiek” en meezingen in het anti-moslimkoor. Van morele verontwaardiging en beschuldigingen van afbreuk van de rechtsstaat is bijna geen sprake. En van het besef dat onze democratie misschien wel in een overlevingsstrijd zit ook niet.

Nederland, word wakker.

Boerkaverbod dubbel fout

Een kortere versie van dit artikel verscheen op donderdag 28 april in NRCnext.

Afgelopen vrijdag betoogde Colin van Heezik in NRCnext dat Frankrijk terecht de boerka in de ban doet. Hij heeft gelijk als hij zegt dat je niet een racist hoeft te zijn om de boerka te willen verbieden. Maar het moet je wel aan gevoel voor praktijk en proportie ontbreken.

In Nederland zie je maar heel zelden een boerka, maar ik kom regelmatig in het Oostenrijkse Zell am See. In de afgelopen jaren is dat een zomerkolonie voor mensen uit de Golfstaten geworden. Je komt er dus voortdurend vrouwen in niqaab tegen. Hoe vaak ik het ook zie, ik vind het nog steeds raar dat mensen zo rondlopen, en al helemaal in die omgeving natuurlijk. Ik kan me de gevoelens van mensen dus goed voorstellen van mensen die gewoon geen boerka’s willen zien. Maar de afschuw van burgers over het gedrag van andere burgers is geen reden om iets te verbieden. Daarvoor zul je met argumenten moeten komen dat het gedrag de mensen zelf of andere mensen schaadt.

En dat argument valt niet met droge ogen te maken. In de eerste plaats de praktijk. Een boerkaverbod lost niets op. Er zijn bijna geen vrouwen die een boerka dragen, en de vrouwen die op straat geen boerka meer mogen dragen zullen niet anders behandeld worden door hun mannen of familie. Want een  boerkadragende vrouw met een conservatieve en dominante man zal door een boerkaverbod niet vaker maar minder vaak op straat komen, en als hij haar mishandelt zal dat ook niet stoppen. Ook zullen dit soort maatregelen mensen juist verharden in hun ouderwetse gedrag. Op basis van (onwetenschappelijke) TV-interviews valt ook op te maken dat er meer vrouwen zijn die graag een boerka dragen dan dat er vrouwen “bevrijd” worden door een verbod. Als ze daarmee misschien een onbegrijpelijke keuze maken, is dat alleen hun probleem.

Van Heezik noemt ook het argument dat boerka’s ook als vermomming voor kinderlokkers of terroristen kunnen dienen. Het voorbeeld van de kinderlokkers laten we even waar het verdient te zijn. Maar ook bij terroristen is er geen enkele reden te denken dat onze veiligheid bedreigd kan worden door mannen in een boerka. Al is het maar omdat er heel veel alternatieven zijn voor vermomming, en je in Europa juist aandacht trekt met zo’n rare jurk.

Het verbod wordt ook onlogisch beredeneerd. In tegenstelling tot een hoofddoek is gezichtsbedekking niet vereist in de islam. Je kunt de boerka dus ook niet verbieden met een verwijzing naar het seculiere karakter van de Franse republiek. Een karakter dat overigens vooral in de verbeelding van Nederlandse hoofddoekverbieders bestaat, omdat juist in Frankrijk alle katholieke kerken in handen van de staat zijn en gratis uitgeleend worden aan de kerk (andere religies moeten hun eigen boontjes doppen). Überhaupt weet ik niet of het voorbeeld van het centralistische Frankrijk, dat al eeuwenlang de Parijse elite/meerderheidscultuur oplegt aan het hele land, navolging verdient.

Maar een boerkaverbod tast vooral de rechtsstaat aan. Een kledingvoorschrift is een enorme ingreep in de persoonlijke levenssfeer en de vrije meningsuiting, twee belangrijke grondrechten. Die mag je alleen maar aantasten om andere grondrechten te beschermen, en dat is hier niet aangetoond. Om dit op te lossen is zowel in België als in Frankrijk in de wet tegen gezichtsbedekking een grondrecht op “sociabiliteit” gecreëerd. Normaal gesproken worden grondrechten in de grondwet opgenomen, niet in een klein wetje. Zo’n recht op sociabiliteit is natuurlijk ook in tegenspraak met het klassieke recht op privacy, en als het serieus genomen wordt krijg je rare situaties. Wordt beeldbellen dan ook verplicht, of vitrage verboden? Je verplicht rechters, wetgevers en burgers er in theorie wel toe. Het is ook ironisch dat een land als België, waar om 18:00 alle rolluiken naar beneden gaan, zo makkelijk omgaat met het recht op privacy.

Een verbod op gezichtsbedekking is in de praktijk ook discriminerend, zelfs als het niet zo bedoeld is. Zowel in België als in Frankrijk is gezichtsbedekking wel expliciet toegestaan met carnaval, op de motor en bij de politie. Maar tientallen andere redenen om je gezicht te bedekken zijn nu wel degelijk strafbaar: een sjaal over je gezicht tijdens het fietsen, koudemaskers op de skipistes, een maskertje tegen de luchtvervuiling of SARS-epidemie, een lapje voor je neus na een operatie, de gezichtsbeschermer tijdens het grasmaaien, of met de motorhelm op tanken of je huis inlopen: allemaal in theorie strafbaar. In de praktijk zullen deze gevallen geen bekeuring krijgen, omdat het geen boerka is. Maar het enige wat erger is dan een discriminerende wet, is een discriminerende wet die discriminerend wordt toegepast. Dat is dubbel fout.

Het feit dat een politieke beweging die discriminatie tot het kernpunt van haar programma heeft ook hartstochtelijk voor een boerkaverbod is, zou ook aan het denken moeten zetten. De redenering van Geert Wilders is logisch: hij wil moslims wegpesten en de islam verwijderen uit de openbare ruimte. Daarbij is een hoofddoek- en boerkaverbod zeker nuttig. Dat betekent dat mensen van goede wil ervan uit kunnen gaan dat dergelijke verboden ook het effect zullen hebben dat moslims zich geïntimideerd voelen en dat hun vrijheden beperkt worden. En dat het de vreemdelingenhaters in de Nederlandse politiek extra zal stimuleren om nog verdergaande maatregelen los te krijgen. Daar moet je op zijn minst rekening mee houden.

Het is te hopen dat Nederland deze onzin bespaard blijft.

Ontwerp een vergelijkbare site met WordPress.com
Aan de slag